Setninger med gebroken

Eksempler på bruk av ordet gebroken i setninger på nederlandsk.

Annonsering
 
Hij had een gebroken hart.
Han var fortvilet.
Je hebt de wet gebroken.
Du brøt loven.
Je hebt je arm gebroken.
Du brakk armen.
De deurklink is gebroken.
Dørhåndtaket er ødelagt.
Ik heb een glas gebroken.
Jeg knuste et glass.
Wie heeft dit gebroken?
Hvem ødelagte denne?
Zijn hart is gebroken.
Hans hjerte er knust.
Ik denk dat ik mijn arm gebroken heb.
Jeg tror jeg har brukket armen min.
De vogel had een gebroken vleugel.
Fuglens vinge var brukket.
Fuglen hadde en brukket vinge.
Het glas was in stukken gebroken.
Glasset ble knust i stykker.
Wie heeft het bord gebroken?
Hvem knuste tallerkenen?
De vleugel van de vogel was gebroken.
Fuglens vinge var brukket.
Gelukkig! Er is niets gebroken.
Så heldig! Det er ingenting som er ødelagt.
Wie heeft dit venster gebroken?
Hvem brøt dette vinduet?
Wie heeft de fles gebroken?
Hvem knuste flasken?
Je auto heeft een gebroken achterlicht.
Bilen din har et ødelagt baklys.
Uw auto heeft een gebroken achterlicht.
Bilen din har et ødelagt baklys.
Iemand heeft het raam gebroken.
noen brøt vinduet.
Wie heeft de ruit gebroken? Zeg me de waarheid.
Hvem knuste vinduet? Si sannheten.

Siste søk