Setninger med juni

Eksempler på bruk av ordet juni i setninger på nederlandsk.

Annonsering
 
Het regenseizoen begint in juni.
Regntiden begynner i juni.
Ze gaan trouwen in juni.
De skal gifte seg i juni.
In juni is hij teruggekomen uit Nederland.
Han kom tilbake fra Holland i juni.
Hij zei mij dat hij in juni naar Frankrijk gaat.
Han sa til meg at han ville dra til Frankrike i juni.
Vandaag is het 18 juni en het is de verjaardag van Muiriel!
I dag er det juni den 18. og det er Muiriels bursdag.
I dag er det 18. juni, og det er Muiriels bursdag!
Ik ben geboren op tweeëntwintig juni 1974.
Jeg ble født den tjueandre juni i 1974.
Het regenseizoen begint aan het einde van juni.
Regntiden begynner mot slutten av juni.
Mijn zus verwacht een baby in juni.
Min søster skal ha en baby i juni.
Dit is de droogste juni sinds de jaren dertig.
Dette er den tørreste måneden i juni siden trettiårene.
Op het eiland Biak, voor de kust van West-Irian, zijn 94 Papoea's gevangen genomen en hebben 295 zich overgegeven tijdens wat het persbureau Antera noemt "opstanden" die van 1 juni tot 20 juni hebben geduurd.
Wat gebeurde er op 6 juni 1944?
We zijn de maand juni dicht
Welke vulkaan barstte uit in juni 1991?
Op welke dag in juni 1995 explodeerde een bombrief?
Hoe heet de premier van Oekraïne die in juni 1994 werd benoemd?
Ze worden de hele maand juni vertoond in het Van Abbemuseum in Eindhoven (Bilderdijklaan 10).
Hij heeft dit op aandrang van de senaatsvergadering van 30 juni gedaan in een persoonlijke brief aan minister Polak.
De aanrijding was op de avond van de 28ste juni van het afgelopen jaar gebeurd onder Wassenaar.
Deze tijdelijke verhoging duurt tot eind juni 1971 en zal daarna worden terugbetaald.

Siste søk