Setninger med prijs

Eksempler på bruk av ordet prijs i setninger på nederlandsk.

Annonsering
 
De prijs is juist.
Prisen er riktig.
Wat is mijn prijs?
Hva er min premie?
Wat is de prijs van een ticket?
Hva koster en billett?
Ik onderhandelde over de prijs.
Jeg forhandlet om prisen.
Ik zou het erg op prijs stellen.
Jeg ville virkelig sette pris på det.
Ik streed met hem om de eerste prijs.
Jeg konkurrerte med ham om førsteprisen.
De eerste prijs is een kus van de prinses.
Hovedpremien er et kyss fra prinsessen.
Ze werden het eens over de prijs.
De ble enige om en pris.
Kan je een beetje van de prijs afdoen?
Kan du redusere prisen litt?
Hij won vorige week de prijs.
Han vant prisen forrige uke.
De prijs van vlees daalde.
Kjøttprisen falt.
Ieder van hen kreeg een prijs.
Hver av dem ble tildelt en pris.
Ik stel het heel erg op prijs, Tom.
Jeg setter virkelig pris på det, Tom.
Kijk naar de prijs.
Se på prisen.
Ik kon de eerste prijs winnen.
Jeg klarte å vinne førsteprisen.
George berekende de prijs van de reis.
George beregnet kostnaden for turen.
Kan je de prijs een beetje laten zakken?
Kan du redusere prisen litt?
Maak je niet druk over de prijs.
Ikke tenk på prisen.
Tom hoopte de eerste prijs te winnen.
Tom håpet å vinne førsteprisen.
De prijs van brood is met tien yen gestegen.
Brødet har gått opp ti yen i pris.

Siste søk