Eksempler på bruk av ordet absurd i setninger på nederlandsk.
|
Het is absurd het studentenleven te verliezen aan nietsdoen.
Det er absurd å kaste bort studentlivet.
|
|
| Iedere hoop op het alsnog in een of andere vorm voortzetten van Rolma noemde hij "absurd". | |
| Dat is eigenlijk alleen maar zinvol, wanneer de meeste mensen doof zouden zijn, anders is het nogal absurd. | |